Direct contact? Bel een coördinator.
Als niemand anders er is
Wat betekent mentorschap voor iemand zonder eigen netwerk, die het leven niet meer volledig kan overzien? In dit fictieve verhaal vertelt een mentor hoe belangrijk het is dat er iemand naast je staat, met je meedenkt en gewoon naar je omkijkt. Niet om over te nemen, maar om samen verder te kunnen.

Soms denken mensen dat mentorschap vooral bestaat uit formulieren, overleggen en handtekeningen. En ja, die horen erbij. Maar in de kern gaat mentorschap over iets heel anders: naast iemand staan. Zeker als diegene niemand anders meer heeft.
Ik ontmoet hem op een dinsdagochtend. Geen familie, geen vrienden die meekijken of meedenken. Alles komt op hem af, en hij ziet door de bomen het bos niet meer. Hij probeert het wel hoor. Hij wil het goed doen. Maar het lukt niet altijd. En dat is precies waar het mis kan gaan als niemand even naast je gaat staan.
Hij vertelt me over zijn week. Over afspraken die hij is vergeten, brieven die hij niet begrijpt, zorgverleners die wisselen. Ik luister. Niet om meteen op te lossen, maar om te begrijpen. Want eerst gezien worden, dat is stap één.
Langzaam bouwen we vertrouwen op. Ik leg uit wat zijn rechten zijn. Wat hij wel mag beslissen. Waar hij hulp bij mag vragen. En vooral: dat hij dat ook mag. We maken samen keuzes. Soms kleine, soms grote. Niet over hem heen, maar met hem. Dat kost tijd. Soms ook geduld. Maar het geeft hem weer grip.
Er zijn momenten dat hij me belt zonder duidelijke vraag. Dan weet ik: het gaat niet om de inhoud. Het gaat erom dat iemand even naar hem omkijkt. Dat hij niet onzichtbaar is. Dat er iemand is die zijn naam kent en weet hoe zijn leven eruitziet.
Als mentor ben ik, naast mijn tweewekelijkse bezoeken, er bij gesprekken met zorgverleners. Ik stel de vragen die hij niet durft te stellen. Ik rem af als het te snel gaat. En ik duw soms een beetje als stilstand geen optie meer is. Niet omdat ik het beter weet, maar omdat hij het even niet meer kan overzien.
Wat mentorschap betekent? Het betekent dat iemand niet alleen staat in een systeem dat vaak ingewikkeld en onpersoonlijk is. Dat er iemand is die zegt: “Wacht even. Dit is zijn leven.”
Iemand die niet wegkijkt. Die blijft. Ook als het lastig wordt.
En soms, heel soms, zegt hij het hardop:
“Fijn dat jij er bent.”
Dan weet ik weer precies waarom dit vrijwilligerswerk zo belangrijk is.
